Een gebouw is goed als alles klopt:  Het staat als vanzelfsprekend in zijn omgeving. Het heeft persoonlijkheid en een karakter, dat iets zegt over zijn functie, zijn gebruikers en zijn context. Het is consequent in vorm, compositie, materiaal en kleur. Het vertelt een verhaal op elk schaalniveau: als geheel, in zijn onderdelen en in zijn details.